dinsdag 23 september 2008

Lhasa Apso- Historie


De Lhasa Apso is een klein (25-28 cm) langharig ras, dat zijn oorsprong vond in het mysterieuze Tibet. Het werd gefokt door Boeddhistische monniken, die het ras beschermend binnen hun kloosters hielden. Het had verschillende functies: als gezelschapshond, (de Lhasa Apso bezit een uitermate goed gehoor) als geluksbrenger en ze werden zelfs beschouwd als reïncarnatie van gestorven monniken
De Lhasa heeft een typisch oosters karakter, als de Tibetaanse bevolking zelf: afstandelijk voor vreemden, trots, vol humor en zelfs wat arrogant. Hun lange beharing was een prima bescherming tegen het barre Tibetaanse klimaat. Nog steeds kunnen ze enorm goed tegen extreme temperatuurswisselingen, hun vacht beschermd hen tegen zowel kou als warmte.

Ondanks hun enorme vacht, die als een ware dekmantel de gehele hond bedekt, verhaart de Lhasa zo goed als niet. Eventuele losse en dode haren worden door de wekelijkse borstelbeurt verwijderd. Een Lhasa die als huishond wordt gehouden, zal zelden de vacht ontwikkelen zoals die bij de "showexemplaren" wordt aangetroffen.

Een hond in "showconditie" krijgen vereist speciale verzorging en bescherming. Als huishond zal hij een wat meer "natural look" hebben, waarmee hij toch bewondering zal opwekken.

Ze hebben de meest uiteenlopende kleuren. Van zwart tot wit en alles wat er tussen zit, rood, blond, bont enz. Omdat de vacht het ene jaar wat donkerder is dan het andere, worden ze wel de kameleons onder de honden genoemd.

De Lhasa is een vrolijke, zelfbewuste en zeer sportieve hond. Ze kunnen, ondanks hun grootte, lange wandelingen maken en zijn tot op zeer hoge leeftijd speels. Het zijn geen blaffers, maar waken goed. Ze hebben een uitermate goede mensenkennis en kunnen goed opschieten met kinderen, maar laten echter niet met zich sollen.

Een Lhasa leert, ondanks zijn eigenzinnigheid, snel. Maar drillen is er niet bij, dat zal hooguit averechts werken. Een Lhasa doet iets uit respect voor zijn baas en anders niet. Het is zeker geen allemanshond.

Degene die weloverwogen voor een Lhasa Apso gekozen hebben zullen beamen: Eens een Lhasa, altijd een Lhasa!

Rasstandaard


CI-Standard N° 227 / 02. 04. 2004 / GB
LHASA APSO

ORIGIN : Tibet.

PATRONAGE : Great Britain.

DATE OF PUBLICATION OF THE ORIGINAL VALID STANDARD : 24.03.2004.

UTILIZATION : Toy Dog.

CLASSIFICATION F.C.I. : Group9 Companion and Toy Dogs.
Section5 Tibetan breeds.
Without working trial.

GENERAL APPEARANCE : Well balanced, sturdy, heavily coated.

BEHAVIOUR / TEMPERAMENT : Gay and assertive. Alert, steady but somewhat aloof with strangers.

HEAD : Heavy head furnishings with good fall over eyes; good whiskers and beard.

CRANIAL REGION :
Skull : Moderately narrow, falling away behind eyes, not quite flat, but not domed or apple headed.
Stop : Medium.

FACIAL REGION :
Nose : Black.
Muzzle : About 4cm (1 1/2 ins), but not square; length from tip of nose roughly one third of total length from nose to back of skull.
Foreface : Straight.
Jaws/Teeth : Upper incisors close just inside lower i.e. reverse scissor bite. Incisors in a broad and as straight a line as possible. Full dentition desirable.
Eyes : Dark. Medium size, frontally placed, oval, neither large nor full, nor small and sunk. No white showing at base or top.
Ears : Pendant, heavily feathered.
NECK : Strong and well arched.

BODY : Length from point of shoulders to point of buttocks greater than height at withers. Balanced and compact.
Back : Level topline.
Loin : Strong.
Chest : Ribs extending well back.

TAIL : High set, carried well over back but not like a pot-hook. Often a kink at end. Well feathered.

LIMBS

FOREQUARTERS : Forelegs straight, heavily furnished with hair.
Shoulders : Well laid back.

HINDQUARTERS : Well developed with good muscle. Good angulation. Heavily furnished with hair.
Hocks : When viewed from behind parallel and not too close together.

FEET : Round, cat-like with firm pads. Well feathered.

GAIT / MOVEMENT : Free and jaunty.

COAT

HAIR : Top coat long, heavy, straight, hard neither woolly nor silky. Moderate undercoat.

COLOUR : Golden, sandy, honey, dark grizzle, slate, smoke, parti-colour, black, white or brown. All equally acceptable.

SIZE : Ideal height : 25.4 cm (10 ins) at shoulder for dogs; bitches slightly smaller.
FAULTS : Any departure from the foregoing points should be considered a fault and the seriousness with which the fault should be regarded should be in exact proportion to its degree and its effect upon the health and welfare of the dog.

Any dog clearly showing physical or behavioural abnormalities shall be disqualified.

N.B. : Male animals should have two apparently normal testicles fully descended into the scrotum.